Het is niet echt de juiste tijd van het jaar om deze blog te plaatsen, maar van de winter was de jurk nog niet af, en nu wel ;-) Het was de bedoeling dat de jurk voor kerst af zou zijn, maar dat lukte niet, daarna heeft het een hele tijd stilgelegen tot een paar weken geleden en nu is de jurk dus wel af, ruim op tijd voor de volgende kerst :-)
De jurk is op dezelfde manier gehaakt als de rode trui , dus in 1 stuk, alleen wat langer en de mouwen zijn anders. De onderkant en de mouwen ben ik begonnen met reliƫfstokjes zodat het net een boord lijkt. Ook de halsrand van de jurk is anders dan bij de trui, zoiezo omdat deze ook hoger is.
Aanvankelijk wilde ik er ook een col van reliƫfstokjes aan haken, maar bij nader inzien leek me dat toch te warm, het garen is vrij dik. Daarnaast is een gekleurde sjaal ook leuker, anders wordt het erg veel grijs.
zaterdag 7 juli 2018
zondag 15 april 2018
Vuurige draak
Een tijdje terug vond ik dit patroon van een gehaakte draak, zelf vind ik hem echt heel leuk. Dus die wilde ik ook maken!
Het patroon kun je vinden op amigurumitogo.com, het bestaat uit 3 delen, en ik was inderdaad ook wel een tijdje bezig voordat de draak af was.
Bij mij werden de vleugels uit het patroon niet zo mooi, en ze waren ook vrij klein. Dus heb ik zelf andere vleugels erbij bedacht. Hij kan er natuurkundig gezien waarschijnlijk nog steeds niet mee vliegen, maar ik vind ze wel wat mooier.
Hierbij hoe ik de vleugels gemaakt heb:
Start met contrastkleur
Werk in rijen, aan het eind van de rij 1 losse haken en keren.
3 lossen haken
1) 1e losse overslaan, 2v in elke losse (4)
2) 2v in de eerste st, v, v, 2v in de laatste st (6)
3) 2v in de eerste st, v in elke st, 2v in de laatste st (8)
4-12) herhaal rij 3, meerder in elke eerste en laatste st (26)
13) v in elke st, 2v in de laatste st (27)
14) 2v in de eerste st, v in elke st (28)
15) v in elke st, 2v in de laatste st (29)
16) 2v in de eerste st, v in elke st (30)
17) v in elke st, 2v in de laatste st (31)
18) 2v in de eerste st, v in elke st (32) hecht af
Voor de puntjes: hecht aan op de hoek, goed kant van het werk boven, *3v, losse, keren, 3v samenhaken, afhechten*. 7 vasten overslaan, puntje haken, 6 vasten overslaan puntje haken, 7 vasten overslaan, puntje haken.
Start nu weer aan de eerste hoek en haak een rand om de puntjes heen: 3v langs de rand van het eerste puntje, *2 losse, hv in de 2e losse, 2v langs het puntje naar beneden, hst in de 1e st van de rand, v in de 2e st, 3x hv in de vlg st, v, hst, 2v langs de rand van het puntje* herhaal dit nog 3 keer, tussen puntje 2 en 3 zitten maar 6 steken daar haak je 2 hv, daarna langs de buitenkant van het laatste puntje nog 2v en een hv, afhechten en alle draadjes wegwerken.
Neem de hoofdkleur en haak langs de bovenrand een rij vasten waarbij je een pijpenrager meehaakt voor de stevigheid. Er zijn geen steken langs de rand, steek de haaknaald in de gaatjes van het haakwerk, maak 1-2 vasten per gaatje, zodat de pijpenrager volledig omhaakt wordt. Let er op dat de goede kant aan dezelfde kant van de vleugel zit.
Haak dan aan de goed kant met lossen op het haakwerk de lijtjes van de vleugels. Steek de haaknaald door de vleugel heen, haal de draad op en haal deze door de lus op de haaknaald. Je kunt de lijntjes ook met een kettingsteek borduren.
De 2e vleugel:
1-12) zie 1e vleugel
13) 2v in de eerste st, v in elke st (27)
14) v in elke st, 2v in de laatste st st (28)
15) 2v in de eerste st, v in elke st (29)
16) v in elke st, 2v in de laatste st st (30)
17) 2v in de eerste st, v in elke st (31)
18) v in elke st, 2v in de laatste st (32) hecht af.
Haak de rest van de vleugel net als de 1e.
Het patroon kun je vinden op amigurumitogo.com, het bestaat uit 3 delen, en ik was inderdaad ook wel een tijdje bezig voordat de draak af was.
Bij mij werden de vleugels uit het patroon niet zo mooi, en ze waren ook vrij klein. Dus heb ik zelf andere vleugels erbij bedacht. Hij kan er natuurkundig gezien waarschijnlijk nog steeds niet mee vliegen, maar ik vind ze wel wat mooier.
Hierbij hoe ik de vleugels gemaakt heb:
Start met contrastkleur
Werk in rijen, aan het eind van de rij 1 losse haken en keren.
3 lossen haken
1) 1e losse overslaan, 2v in elke losse (4)
2) 2v in de eerste st, v, v, 2v in de laatste st (6)
3) 2v in de eerste st, v in elke st, 2v in de laatste st (8)
4-12) herhaal rij 3, meerder in elke eerste en laatste st (26)
13) v in elke st, 2v in de laatste st (27)
14) 2v in de eerste st, v in elke st (28)
15) v in elke st, 2v in de laatste st (29)
16) 2v in de eerste st, v in elke st (30)
17) v in elke st, 2v in de laatste st (31)
18) 2v in de eerste st, v in elke st (32) hecht af
Voor de puntjes: hecht aan op de hoek, goed kant van het werk boven, *3v, losse, keren, 3v samenhaken, afhechten*. 7 vasten overslaan, puntje haken, 6 vasten overslaan puntje haken, 7 vasten overslaan, puntje haken.
Start nu weer aan de eerste hoek en haak een rand om de puntjes heen: 3v langs de rand van het eerste puntje, *2 losse, hv in de 2e losse, 2v langs het puntje naar beneden, hst in de 1e st van de rand, v in de 2e st, 3x hv in de vlg st, v, hst, 2v langs de rand van het puntje* herhaal dit nog 3 keer, tussen puntje 2 en 3 zitten maar 6 steken daar haak je 2 hv, daarna langs de buitenkant van het laatste puntje nog 2v en een hv, afhechten en alle draadjes wegwerken.
Neem de hoofdkleur en haak langs de bovenrand een rij vasten waarbij je een pijpenrager meehaakt voor de stevigheid. Er zijn geen steken langs de rand, steek de haaknaald in de gaatjes van het haakwerk, maak 1-2 vasten per gaatje, zodat de pijpenrager volledig omhaakt wordt. Let er op dat de goede kant aan dezelfde kant van de vleugel zit.
Haak dan aan de goed kant met lossen op het haakwerk de lijtjes van de vleugels. Steek de haaknaald door de vleugel heen, haal de draad op en haal deze door de lus op de haaknaald. Je kunt de lijntjes ook met een kettingsteek borduren.
De 2e vleugel:
1-12) zie 1e vleugel
13) 2v in de eerste st, v in elke st (27)
14) v in elke st, 2v in de laatste st st (28)
15) 2v in de eerste st, v in elke st (29)
16) v in elke st, 2v in de laatste st st (30)
17) 2v in de eerste st, v in elke st (31)
18) v in elke st, 2v in de laatste st (32) hecht af.
Haak de rest van de vleugel net als de 1e.
zondag 14 januari 2018
Gehaakte slang van restjes garen
In de kast heb ik een zak vol met restjes garen, allerlei kleurtjes. Ideaal om mee te knutselen, of om er iets leuks van te haken. Op internet had ik van die grote gehaakte slangen gezien, dat leuk leek me leuk om te maken en door de verschillende kleurtjes ook ideaal om kleine restjes op te maken. Voor de vulling heb ik een oud kussentje gebruikt, niet echt de beste kwaliteit, maar wel in lijn met de "restjes".
Deze slang is ruim anderhalve meter lang. De kop was wat puzzelen maar na een poging of 3 is het best goed gelukt. Wil je de slang zelf ook maken, hieronder staat het patroon.
Benodigdheden:
Restjes garen, liefst van dezelfde dikte
Haaknaald 4,5, of haaknaald die bij het garen past
Stopnaald
Vulling
Schaartje
De slang wordt van de snuit tot staart in 1 stuk gehaakt. Vul de slang op tijdens het haken.
Start bij de kop, haak 10 lossen.
Toer 1: 1v in de 2e losse vanaf de haaknaald, nog 7 keer 1v in de volgende losse, 2v in de laatste losse, ga verder aan de andere kant van de lossenketting, haak 8 keer 1 v in de volgende losse en 2v in de laatste losse. (20)
Toer 2: Haak 2v in de volgende steken: 1, 9, 10, 11, 19, 20. In de overige steken 1v. (26)
Toer 3: Haak 2v in de volgende steken: 2, 11, 13, 15, 24, 26. In de overige steken 1v. (32)
Toer 4-5: 32v
Toer 6: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (36)
Toer 7-8: 36v
Toer 9: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen, zorg ervoor dat deze op andere plekken komen dan de meerderingen uit toer 6. (40)
toer 10-11: 40v
Toer 12: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen, zorg er ook weer voor dat de meerderingen verspringen. (44)
Toer 13-14: 44v
Toer 15: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (48)
Toer 16-17: 48v
Toer 18: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (52)
Toer 19-20: 52v
Toer 21: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (56)
Toer 22-23: 56v
Toer 24: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (60)
Toer 25-26: 60v
Toer 27: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (56)
Toer 28: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen, zorg ervoor dat de minderingen niet boven elkaar zitten. (52)
Toer 29: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (48)
Toer 30: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (44)
Toer 31: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (40)
Het lijf is steeds 40 vasten in de rondte, wissel de kleuren naar keuze af en zorg ervoor dat de kleurwisselingen aan de onderkant zitten, soms moet je hiervoor een steek "smokkelen". Vul de slang op tijdens het haken.
Als het lijf (vanaf de nek gemeten) ongeveer 1 meter lang is wordt er geminderd voor de staart.
Toer 1: Minder deze toer 1 keer
Toer 2-3: rondom vasten haken.
Herhaal deze 3 toeren tot er 15 steken over zijn. Hecht af en sluit de opening.
Ogen
Met wit:
Rij 1: haak 4 lossen, haak 3 stokjes in de 1e (onderste) losse (4)
Rij 2: 3 lossen (= 1st), 1st in dezelfde steek, 1st in de vlg steek, 1st in de vlg steek, 2 st in de laatste steek (de bovenste losse) (6)
Rij 3: 3 lossen (= 1st), 2st samenhaken, 1st in de vlg steek, 2 st samenhaken. (40)
Rij 4: 3 lossen, 3st samenhaken, hecht af, laat genoeg draad zitten om de ogen vast te naaien.
Met zwart:
Maak een MR, haak daarin 12 halve stokjes, hv in het 1e hst, hecht af en naai de pupil op het oogwit.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
Deze slang is ruim anderhalve meter lang. De kop was wat puzzelen maar na een poging of 3 is het best goed gelukt. Wil je de slang zelf ook maken, hieronder staat het patroon.
Benodigdheden:
Restjes garen, liefst van dezelfde dikte
Haaknaald 4,5, of haaknaald die bij het garen past
Stopnaald
Vulling
Schaartje
De slang wordt van de snuit tot staart in 1 stuk gehaakt. Vul de slang op tijdens het haken.
Start bij de kop, haak 10 lossen.
Toer 1: 1v in de 2e losse vanaf de haaknaald, nog 7 keer 1v in de volgende losse, 2v in de laatste losse, ga verder aan de andere kant van de lossenketting, haak 8 keer 1 v in de volgende losse en 2v in de laatste losse. (20)
Toer 2: Haak 2v in de volgende steken: 1, 9, 10, 11, 19, 20. In de overige steken 1v. (26)
Toer 3: Haak 2v in de volgende steken: 2, 11, 13, 15, 24, 26. In de overige steken 1v. (32)
Toer 4-5: 32v
Toer 6: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (36)
Toer 7-8: 36v
Toer 9: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen, zorg ervoor dat deze op andere plekken komen dan de meerderingen uit toer 6. (40)
toer 10-11: 40v
Toer 12: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen, zorg er ook weer voor dat de meerderingen verspringen. (44)
Toer 13-14: 44v
Toer 15: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (48)
Toer 16-17: 48v
Toer 18: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (52)
Toer 19-20: 52v
Toer 21: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (56)
Toer 22-23: 56v
Toer 24: Meerder deze toer 4 keer op willekeurig plaatsen. (60)
Toer 25-26: 60v
Toer 27: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (56)
Toer 28: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen, zorg ervoor dat de minderingen niet boven elkaar zitten. (52)
Toer 29: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (48)
Toer 30: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (44)
Toer 31: Minder deze toer 4 keer op willekeurige plaatsen. (40)
Het lijf is steeds 40 vasten in de rondte, wissel de kleuren naar keuze af en zorg ervoor dat de kleurwisselingen aan de onderkant zitten, soms moet je hiervoor een steek "smokkelen". Vul de slang op tijdens het haken.
Als het lijf (vanaf de nek gemeten) ongeveer 1 meter lang is wordt er geminderd voor de staart.
Toer 1: Minder deze toer 1 keer
Toer 2-3: rondom vasten haken.
Herhaal deze 3 toeren tot er 15 steken over zijn. Hecht af en sluit de opening.
Ogen
Met wit:
Rij 1: haak 4 lossen, haak 3 stokjes in de 1e (onderste) losse (4)
Rij 2: 3 lossen (= 1st), 1st in dezelfde steek, 1st in de vlg steek, 1st in de vlg steek, 2 st in de laatste steek (de bovenste losse) (6)
Rij 3: 3 lossen (= 1st), 2st samenhaken, 1st in de vlg steek, 2 st samenhaken. (40)
Rij 4: 3 lossen, 3st samenhaken, hecht af, laat genoeg draad zitten om de ogen vast te naaien.
Met zwart:
Maak een MR, haak daarin 12 halve stokjes, hv in het 1e hst, hecht af en naai de pupil op het oogwit.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
woensdag 3 januari 2018
WC rol inktvis
Vandaag een plaatje van een wc rol hoedje dat ik een tijdje geleden gemaakt heb. Maar dan een hoedje in de vorm van een inktvis.
De mini inktvisjes komen uit het boekje Amigurumi & mini's. Het patroon van de wc rol inktvis staat hieronder.
Het lijf van de inktvis wordt gehaakt met stokjes, elk eerste stokje van een toer wordt vervangen door 3 lossen. Sluit elke toer met een hv in de 3e losse.
Lijf
Start met een MR
Toer 1: 3 l (= 1e stokje) 9 st in MR, sluit de toer met een hv in de 3e l (10)
Toer 2: 2st in elk st (20)
Toer 3: 2st in elk 2e st (30)
Toer 4: 2st in elk 3e st (40)
Toer 5: 2st in elk 4e st (50)
Toer 6: 2st in elk 5e st (60)
Toer 7: 60 st haak deze toer alleen in de achterste lus
Toer 8-16: 60 st
Toer 17: *6v, haak een tentakel (zie hieronder), 7v, haak een tentakel* herhaal dit de hele toer (8 tentakels)
Tentakel
Rij 1: 40 lossen
Rij 2: keerlosse, haak 2v in elke losse (80)
Rij 3: haak 1v in de volgende steek van de rand van het lijf (toer 16), keer, haak 2v in elke v (160)
Hecht af en werk de draad weg.
Hecht de weer aan aan toer 16 voor de volgende steken en tentakel.
Ogen
Start met zwart en maak een MR
Toer 1: 6 hst in de MR
Toer 2: wissel kleur naar wit, 2 hst in elk hst (12) hecht af.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
Lijf
Start met een MR
Toer 1: 3 l (= 1e stokje) 9 st in MR, sluit de toer met een hv in de 3e l (10)
Toer 2: 2st in elk st (20)
Toer 3: 2st in elk 2e st (30)
Toer 4: 2st in elk 3e st (40)
Toer 5: 2st in elk 4e st (50)
Toer 6: 2st in elk 5e st (60)
Toer 7: 60 st haak deze toer alleen in de achterste lus
Toer 8-16: 60 st
Toer 17: *6v, haak een tentakel (zie hieronder), 7v, haak een tentakel* herhaal dit de hele toer (8 tentakels)
Tentakel
Rij 1: 40 lossen
Rij 2: keerlosse, haak 2v in elke losse (80)
Rij 3: haak 1v in de volgende steek van de rand van het lijf (toer 16), keer, haak 2v in elke v (160)
Hecht af en werk de draad weg.
Hecht de weer aan aan toer 16 voor de volgende steken en tentakel.
Ogen
Start met zwart en maak een MR
Toer 1: 6 hst in de MR
Toer 2: wissel kleur naar wit, 2 hst in elk hst (12) hecht af.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
maandag 30 oktober 2017
Color block vest
Zo'n 2 jaar geleden haakte ik deze poncho en ik heb em nooit gedragen.... Dus heb ik de poncho helemaal uitgehaald en van de garen een color block vest gehaakt. En ja, het vest draag ik wel :-)
Hieronder zal ik beschrijven hoe ik het vest gemaakt heb. Ik heb er geen exact telpatroon van. Dus mocht je ook zo'n vest willen maken, kun je je eigen creativiteit erin kwijt qua kleur en blokken verdeling.
Materiaal:
Royal acrylgaren in 3 kleuren (Zeeman)
Haaknaalden nummer 4, 5 en 6
Steekmarkeerders
Grote knoop of meerdere knopen
Dit patroon is voor mijn maat (M), wil je de maat aanpassen maak dan een proeflapje, reken uit hoeveel steken je nodig hebt. De formule van het patroon blijft verder hetzelfde, alleen de aantallen moet je dan aanpassen aan je eigen maat.
Voor dit vest wordt eerst het pand gehaakt, van onder af tot de oksels. Dan worden de mouwen gehaakt en vervolgens worden deze aan het pand gehaakt en wordt het vest verder afgehaakt.
Door de kleurblokken zijn er veel draadjes af te werken, tip om deze gelijk weg te werken als de laatste rij van een kleurblok af is, dat werkt prettiger en scheelt minder afwerken aan het eind.
Het eerste stokje van een rij wordt vervangen door 3 lossen.
Eerst heb ik het patroon op ruitjespapier getekend/ingekleurd, daarbij was elk blokje 5x5cm. De mijne was 20 blokjes breed en 14 blokjes hoog. Dit raster heb ik ingekleurd in de kleurblokken zoals ik ze mooi vond.
Maak een proeflapje en reken uit hoeveel steken en rijen elk blokje is. Bij mij waren 2 blokjes 10 cm breed en 1 blokje 4 rijen hoog. Deze maten heb ik in het patroon geschreven.
Haak het pand van onderkant tot oksels volgens het patroon. Gebruik voor de lossenketting haaknaald 6 en werk daarna verder met haaknaald 5.
Mijn pand was 102 cm breed, dat zijn 132 stokjes breed. Voor de hoogte heb ik 56 rijen in het patroon gehaakt en daarna nog 2 rijen rood.
Het pand wordt in heen en weer gaande rijen gehaakt, daardoor kon ik de bolletjes van alle kleuren eraan laten zitten, zolang ik met een kleurblok bezig was.
Let er wel op dat de kleurwisselingen aan de binnenkant zitten. Tip: hang een steekmarkeerder aan de buitenkant dan weet je zeker wat de goede kant is.
Laat aan het eind van het pand de rode draad aan het pand zitten, hier wordt straks mee verder gehaakt. Leg het pand even weg en ga verder met de mouwen.
Voor de mouwen ook een patroontekening maken. Deze was 6 blokjes breed en 11 blokjes hoog. Gebruik voor de lossenketting haaknaald 6 en werk daarna verder met haaknaald 5. De mouwen waren 45 stokjes breed en 46 toeren lang.
Haak de mouwen in heen en weer gaande toeren volgens het patroon, haak dan nog 2 rijen rood, waarbij in de eerste rij rood 1 steek gemeerderd wordt om op 46 steken uit te komen.
De mouwen dubbelvouwen met de goed kant naar binnen, haak met haaknaald 4 met vasten de naad dicht.
Tel op het pand de plaats van de mouwen af, 25 steken vanaf de zijkant, en markeer deze. Haak de mouwen met 16 vasten aan het pand vast, zorg hierbij dat de naad aan de onderkant zit.
Nu wordt de bovenkant van het vest afgehaakt, in heen en weer gaande rijen. Werk verder met de rode draad die nog aan het pand zit.
Toer 1: 25 st, bij de overgang van de mouw/lijf de laatste steken van het vasthaken van de mouw aan het lijf samenhaken, om gaten te voorkomen. Dus haak 1 steek van het lijfje (waar ook een vaste in zit) samen met 1 steek van de mouw (waar ook een vaste in zit), 30 st rondom de mouw, weer 2 steken samen haken, zie hierboven, 50 st langs het lijf, 2 steken samen haken, 30 st rondom de mouw, 2 steken samen haken, 25 st (164)
Toer 2: 164 st
Toer 3-4: stokjes haken, bij elke rij 4 keer minderen, mooi verdeeld over de rij (156)
Toer 5-12: stokjes haken, bij elke rij 6 keer minderen, mooi verdeeld over de rij (108)
Toer 12-16: stokjes haken, bij elke rij 8 keer minderen, mooi verdeeld over de rij (76)
Toer 17: eerste 2 stokjes samenhaken, stokjes haken, 6 keer minderen, mooi verdeeld over de rij, de laatste 2 stokjes samen haken (68) hecht af.
Haak nog een rand vasten langs de voorpanden en de halsrand. Hecht af en werk alle draadjes weg.
Bepaal waar de knoop (knopen) moet(en) komen en naai deze vast, haak aan het andere pand een lusjes van lossen.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
Hieronder zal ik beschrijven hoe ik het vest gemaakt heb. Ik heb er geen exact telpatroon van. Dus mocht je ook zo'n vest willen maken, kun je je eigen creativiteit erin kwijt qua kleur en blokken verdeling.
Materiaal:
Royal acrylgaren in 3 kleuren (Zeeman)
Haaknaalden nummer 4, 5 en 6
Steekmarkeerders
Grote knoop of meerdere knopen
Dit patroon is voor mijn maat (M), wil je de maat aanpassen maak dan een proeflapje, reken uit hoeveel steken je nodig hebt. De formule van het patroon blijft verder hetzelfde, alleen de aantallen moet je dan aanpassen aan je eigen maat.
Voor dit vest wordt eerst het pand gehaakt, van onder af tot de oksels. Dan worden de mouwen gehaakt en vervolgens worden deze aan het pand gehaakt en wordt het vest verder afgehaakt.
Door de kleurblokken zijn er veel draadjes af te werken, tip om deze gelijk weg te werken als de laatste rij van een kleurblok af is, dat werkt prettiger en scheelt minder afwerken aan het eind.
Het eerste stokje van een rij wordt vervangen door 3 lossen.
Eerst heb ik het patroon op ruitjespapier getekend/ingekleurd, daarbij was elk blokje 5x5cm. De mijne was 20 blokjes breed en 14 blokjes hoog. Dit raster heb ik ingekleurd in de kleurblokken zoals ik ze mooi vond.
Maak een proeflapje en reken uit hoeveel steken en rijen elk blokje is. Bij mij waren 2 blokjes 10 cm breed en 1 blokje 4 rijen hoog. Deze maten heb ik in het patroon geschreven.
Haak het pand van onderkant tot oksels volgens het patroon. Gebruik voor de lossenketting haaknaald 6 en werk daarna verder met haaknaald 5.
Mijn pand was 102 cm breed, dat zijn 132 stokjes breed. Voor de hoogte heb ik 56 rijen in het patroon gehaakt en daarna nog 2 rijen rood.
Het pand wordt in heen en weer gaande rijen gehaakt, daardoor kon ik de bolletjes van alle kleuren eraan laten zitten, zolang ik met een kleurblok bezig was.
Let er wel op dat de kleurwisselingen aan de binnenkant zitten. Tip: hang een steekmarkeerder aan de buitenkant dan weet je zeker wat de goede kant is.
Voor de mouwen ook een patroontekening maken. Deze was 6 blokjes breed en 11 blokjes hoog. Gebruik voor de lossenketting haaknaald 6 en werk daarna verder met haaknaald 5. De mouwen waren 45 stokjes breed en 46 toeren lang.
Haak de mouwen in heen en weer gaande toeren volgens het patroon, haak dan nog 2 rijen rood, waarbij in de eerste rij rood 1 steek gemeerderd wordt om op 46 steken uit te komen.
De mouwen dubbelvouwen met de goed kant naar binnen, haak met haaknaald 4 met vasten de naad dicht.
Tel op het pand de plaats van de mouwen af, 25 steken vanaf de zijkant, en markeer deze. Haak de mouwen met 16 vasten aan het pand vast, zorg hierbij dat de naad aan de onderkant zit.
Nu wordt de bovenkant van het vest afgehaakt, in heen en weer gaande rijen. Werk verder met de rode draad die nog aan het pand zit.
Toer 1: 25 st, bij de overgang van de mouw/lijf de laatste steken van het vasthaken van de mouw aan het lijf samenhaken, om gaten te voorkomen. Dus haak 1 steek van het lijfje (waar ook een vaste in zit) samen met 1 steek van de mouw (waar ook een vaste in zit), 30 st rondom de mouw, weer 2 steken samen haken, zie hierboven, 50 st langs het lijf, 2 steken samen haken, 30 st rondom de mouw, 2 steken samen haken, 25 st (164)
Toer 2: 164 st
Toer 3-4: stokjes haken, bij elke rij 4 keer minderen, mooi verdeeld over de rij (156)
Toer 5-12: stokjes haken, bij elke rij 6 keer minderen, mooi verdeeld over de rij (108)
Toer 12-16: stokjes haken, bij elke rij 8 keer minderen, mooi verdeeld over de rij (76)
Toer 17: eerste 2 stokjes samenhaken, stokjes haken, 6 keer minderen, mooi verdeeld over de rij, de laatste 2 stokjes samen haken (68) hecht af.
Haak nog een rand vasten langs de voorpanden en de halsrand. Hecht af en werk alle draadjes weg.
Bepaal waar de knoop (knopen) moet(en) komen en naai deze vast, haak aan het andere pand een lusjes van lossen.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
dinsdag 24 oktober 2017
Trui haken
Al een tijdje had ik een mooi kleur garen liggen om een trui van te haken en nu is het er eindelijk van gekomen en is ie af. Nog mooi voor de winter! Ik liet op mijn blog al eerder een trui zien die ik gehaakt heb. Deze trui is op dezelfde manier gemaakt, alleen met ander garen, een iets ander model en ik heb deze keer opgeschreven hoe ik het gemaakt heb :-) Hij is gemaakt met bijna alleen maar halve stokjes, dus niet zo moeilijk en het haakt lekker snel weg.
Materiaal:5 bollen Royal acrylgaren (Zeeman, alleen wel 2 jaar geleden gekocht...)
Haaknaalden nummer 5 en 6
Steekmarkeerders
Dit patroon is hoe ik de trui gemaakt heb, op mijn maat (M), het is een wat stak model, die mij precies past, wil je de maat aanpassen maak dan een proeflapje, reken uit hoeveel hst je nodig hebt. De formule van het patroon blijft verder hetzelfde, alleen de aantallen moet je dan aanpassen aan je eigen maat.
Omdat ik de trui in 1 stuk wilde haken heb ik hier en daar wat trucjes bedacht. Ik probeer het zo duidelijk mogelijk te omschrijven, maar mocht het niet duidelijk zijn dan hoor ik het graag.
De trui wordt in spiraal gehaakt, dat wil zeggen dat de toeren niet gesloten worden met een halve vaste maar dat er door gehaakt wordt, net als bij amigurumi. Hierdoor verschuift het begin van een toer, maar dat maakt voor deze trui niet uit, de zijkanten worden op het zicht bepaald, niet op het aantal steken.
Lijf:Haak 120 lossen met haaknaald 6.
Ga verder met haaknaald 5
Toer 1: 1 keerlosse, 120 halve stokjes
Toer 2: keer het werk niet en haak verder over de halve stokjes van toer 1: 120 hst
Toer 3-26: 120 hst (nb, als je de trui langer of korter wilt kun je hier toeren weglaten of toevoegen)
Voor de taille: Bepaal de zijkanten, zorg dat het begin draadje aan de zijkant zit en markeer de zijkanten met 2 steekmarkeerders. (nb. Wil je geen taille in je trui, haak dan gewoon verder met 120 hst tot en met toer 60)
Aangezien het begin van de toer opschuift bepaal ik een vast punt waar mijn toer begint, dat is voor mij linksachter (heup/schouder), dit is dus niet het echte begin van een toer maar het punt waarvan ik reken. (tip, hang aan de voorkant van je trui een steekmarkeerder zodat je weet wat je voorkant is)
Toer 27: *2 hst samenhaken, 2 hst, 2 hst samenhaken, 54 hst* herhaal dit nog 1 keer (116)
Toer 28: *2 hst samenhaken, 2 hst samenhaken, 54 hst* herhaal dit nog 1 keer (112)
Toer 29-42: 112 hst (=14 toeren)
Toer 43: leg je werk plat en kijk waar de minderingen zitten, markeer in toer 43 deze plek, *haak 2 hst in de 1e en 2e steek, zorg dat deze boven de minderingen zitten, 54 hst*, herhaal dit nog 1 keer (116)
Toer 44: *2 hst in het eerste hst van de vorige toer, hst, 2 hst in de vlg steek, 54 hst*, herhaal dit nog 1 keer (120)
Toer 45-60: 120 hst (=16 toeren)
Laat de draad aan het lijf zitten om later mee verder te werken.
Mouwen 2x:Haak 60 lossen met haaknaald 6.
Ga verder met haaknaald 5.
In het eerste deel van de mouw worden er steken geminderd, zorg dat deze in de toeren op verschillende plaatsen komen, dus niet onder elkaar, maar mooi verdeeld over de mouw.
(nb, wil je geen wijde mouwen dan kun je met 40 lossen beginnen en de eerste 19 toeren hst rond haken, vanaf toer 20 kun je het patroon weer volgen.)
Toer 1: 1 keerlosse, 60 halve stokjes
Toer 2: keer het werk niet en haak verder over de halve stokjes van toer 1, minder 2 keer tijdens deze toer (58)
Toer 3: haak hst en minder 2 keer tijdens deze toer (56)
Toer 4-19: haak hst en minder elke toer 1 steek (40)
Toer 20-60: 40 hst
Toer 61-64: haak hst en meerder elke toer 1 steek (44)
Laat de draad er aan zitten om later mee verder te werken.
Leg het lijf plat en bepaal de zijkanten, te herkennen aan de minderingen en meerderdingen, en markeer aan beide zijden 14 steken, hier komen de mouwen. Tussen de mouwen moet voor en achter een gelijk aantal steken zitten (46).
Haak de mouwen met 14 vasten aan het lijf, hecht de draad af en werk de uiteindjes weg.
Werk nu verder met de draad die nog aan het lijf vastzit, bij mij zit die linksachter.
Toer 1 (of 65): haak rondom hst, bij de overgang van de mouw/lijf de laatste steken van het vasthaken van de mouw aan het lijf samenhaken, om gaten te voorkomen. Dus haak 1 steek van het lijfje (waar ook een vaste in zit) samen met 1 steek van de mouw (waar ook een vaste in zit), 30 hst rondom de mouw, weer 2 steken samen haken, zie hierboven, 46 hst langs het lijf, herhaal dit nog een keer. (156)
Toer 2 (of 66)-10 (of 74): haak hst rondom, daarbij bij elke toer 4 keer minderen, zorg dat deze minderingen mooi verdeeld zitten over de toeren, dus niet onder elkaar. Minder in de eerste paar toeren alleen aan de voor en achterkant van het lijf en later pas bij de mouwen, anders wordt het te strak.
Om de achterkant iets hoger te maken dan de voorkant heb ik het volgende bedacht.
(nb. Wil je voorkant en achterkant even hoog dan blijf je gewoon hst rond haken waarbij je elke toer 4 hst mindert.)
Bepaal de voorste 22 steken en markeer deze. Het volgende stuk wordt in rijen gehaakt, steek bij de teruggaande rij onder de hele steek door, anders zie je de extra lusjes van de hst achterop de trui.
Haak toer 10 (of 74) door tot de steekmarkeerder, haak een vaste in de steek met de steekmarkeerder.
Toer 1a: keer (haak geen keerlosse), sla de vaste over, haak 1 v, haak hst tot de andere steekmarkeerder, minder daarbij 4 keer aan de achterkant van de trui, ook weer mooi verdeeld, 1 v in de steek met de steekmarkeerder.
Toer 2a-3a: herhaal toer 1 maar stop elke keer bij het laatste hst, daarin haak je een vaste, keren, etc.
Toer 4a-5a: herhaal de vorige toeren, maar minder nu 2 keer aan de voorkant van de trui (links en rechts) en 2 keer aan de achterkant.
Toer 6a: herhaal de vorige toer, maar minder nu alleen 2 keer aan de achterkant.
Nu wordt er weer rond gehaakt.
Toer 11 (of 75): haak hst rondom, ook langs de schuine kant, hierbij op gevoel insteken zodat de steken mooi verdeeld worden. Bij deze toer 4 keer minderen, bij de mouwen voor en achter.
Toer 12 (of 76): haak hst rondom, hierbij 4 keer minderen, aan de achterkant bij de mouwen en voor bij de “hoekjes” bij de schuine kant. Hecht linksachter af, voor een mooi afgewerkte rand: hst, v, hv. Werk de begindraadjes van het lijf en de mouwen weg, je kunt hiermee het verschil tussen de eerste en tweede toer mee wegwerken.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
Materiaal:5 bollen Royal acrylgaren (Zeeman, alleen wel 2 jaar geleden gekocht...)
Haaknaalden nummer 5 en 6
Steekmarkeerders
Dit patroon is hoe ik de trui gemaakt heb, op mijn maat (M), het is een wat stak model, die mij precies past, wil je de maat aanpassen maak dan een proeflapje, reken uit hoeveel hst je nodig hebt. De formule van het patroon blijft verder hetzelfde, alleen de aantallen moet je dan aanpassen aan je eigen maat.
Omdat ik de trui in 1 stuk wilde haken heb ik hier en daar wat trucjes bedacht. Ik probeer het zo duidelijk mogelijk te omschrijven, maar mocht het niet duidelijk zijn dan hoor ik het graag.
De trui wordt in spiraal gehaakt, dat wil zeggen dat de toeren niet gesloten worden met een halve vaste maar dat er door gehaakt wordt, net als bij amigurumi. Hierdoor verschuift het begin van een toer, maar dat maakt voor deze trui niet uit, de zijkanten worden op het zicht bepaald, niet op het aantal steken.
Lijf:Haak 120 lossen met haaknaald 6.
Ga verder met haaknaald 5
Toer 1: 1 keerlosse, 120 halve stokjes
Toer 2: keer het werk niet en haak verder over de halve stokjes van toer 1: 120 hst
Toer 3-26: 120 hst (nb, als je de trui langer of korter wilt kun je hier toeren weglaten of toevoegen)
Voor de taille: Bepaal de zijkanten, zorg dat het begin draadje aan de zijkant zit en markeer de zijkanten met 2 steekmarkeerders. (nb. Wil je geen taille in je trui, haak dan gewoon verder met 120 hst tot en met toer 60)
Aangezien het begin van de toer opschuift bepaal ik een vast punt waar mijn toer begint, dat is voor mij linksachter (heup/schouder), dit is dus niet het echte begin van een toer maar het punt waarvan ik reken. (tip, hang aan de voorkant van je trui een steekmarkeerder zodat je weet wat je voorkant is)
Toer 27: *2 hst samenhaken, 2 hst, 2 hst samenhaken, 54 hst* herhaal dit nog 1 keer (116)
Toer 28: *2 hst samenhaken, 2 hst samenhaken, 54 hst* herhaal dit nog 1 keer (112)
Toer 29-42: 112 hst (=14 toeren)
Toer 43: leg je werk plat en kijk waar de minderingen zitten, markeer in toer 43 deze plek, *haak 2 hst in de 1e en 2e steek, zorg dat deze boven de minderingen zitten, 54 hst*, herhaal dit nog 1 keer (116)
Toer 44: *2 hst in het eerste hst van de vorige toer, hst, 2 hst in de vlg steek, 54 hst*, herhaal dit nog 1 keer (120)
Toer 45-60: 120 hst (=16 toeren)
Laat de draad aan het lijf zitten om later mee verder te werken.
Mouwen 2x:Haak 60 lossen met haaknaald 6.
Ga verder met haaknaald 5.
In het eerste deel van de mouw worden er steken geminderd, zorg dat deze in de toeren op verschillende plaatsen komen, dus niet onder elkaar, maar mooi verdeeld over de mouw.
(nb, wil je geen wijde mouwen dan kun je met 40 lossen beginnen en de eerste 19 toeren hst rond haken, vanaf toer 20 kun je het patroon weer volgen.)
Toer 1: 1 keerlosse, 60 halve stokjes
Toer 2: keer het werk niet en haak verder over de halve stokjes van toer 1, minder 2 keer tijdens deze toer (58)
Toer 3: haak hst en minder 2 keer tijdens deze toer (56)
Toer 4-19: haak hst en minder elke toer 1 steek (40)
Toer 20-60: 40 hst
Toer 61-64: haak hst en meerder elke toer 1 steek (44)
Laat de draad er aan zitten om later mee verder te werken.
Leg het lijf plat en bepaal de zijkanten, te herkennen aan de minderingen en meerderdingen, en markeer aan beide zijden 14 steken, hier komen de mouwen. Tussen de mouwen moet voor en achter een gelijk aantal steken zitten (46).
Haak de mouwen met 14 vasten aan het lijf, hecht de draad af en werk de uiteindjes weg.
Werk nu verder met de draad die nog aan het lijf vastzit, bij mij zit die linksachter.
Toer 1 (of 65): haak rondom hst, bij de overgang van de mouw/lijf de laatste steken van het vasthaken van de mouw aan het lijf samenhaken, om gaten te voorkomen. Dus haak 1 steek van het lijfje (waar ook een vaste in zit) samen met 1 steek van de mouw (waar ook een vaste in zit), 30 hst rondom de mouw, weer 2 steken samen haken, zie hierboven, 46 hst langs het lijf, herhaal dit nog een keer. (156)
Toer 2 (of 66)-10 (of 74): haak hst rondom, daarbij bij elke toer 4 keer minderen, zorg dat deze minderingen mooi verdeeld zitten over de toeren, dus niet onder elkaar. Minder in de eerste paar toeren alleen aan de voor en achterkant van het lijf en later pas bij de mouwen, anders wordt het te strak.
Om de achterkant iets hoger te maken dan de voorkant heb ik het volgende bedacht.
(nb. Wil je voorkant en achterkant even hoog dan blijf je gewoon hst rond haken waarbij je elke toer 4 hst mindert.)
Bepaal de voorste 22 steken en markeer deze. Het volgende stuk wordt in rijen gehaakt, steek bij de teruggaande rij onder de hele steek door, anders zie je de extra lusjes van de hst achterop de trui.
Haak toer 10 (of 74) door tot de steekmarkeerder, haak een vaste in de steek met de steekmarkeerder.
Toer 1a: keer (haak geen keerlosse), sla de vaste over, haak 1 v, haak hst tot de andere steekmarkeerder, minder daarbij 4 keer aan de achterkant van de trui, ook weer mooi verdeeld, 1 v in de steek met de steekmarkeerder.
Toer 2a-3a: herhaal toer 1 maar stop elke keer bij het laatste hst, daarin haak je een vaste, keren, etc.
Toer 4a-5a: herhaal de vorige toeren, maar minder nu 2 keer aan de voorkant van de trui (links en rechts) en 2 keer aan de achterkant.
Toer 6a: herhaal de vorige toer, maar minder nu alleen 2 keer aan de achterkant.
Nu wordt er weer rond gehaakt.
Toer 11 (of 75): haak hst rondom, ook langs de schuine kant, hierbij op gevoel insteken zodat de steken mooi verdeeld worden. Bij deze toer 4 keer minderen, bij de mouwen voor en achter.
Toer 12 (of 76): haak hst rondom, hierbij 4 keer minderen, aan de achterkant bij de mouwen en voor bij de “hoekjes” bij de schuine kant. Hecht linksachter af, voor een mooi afgewerkte rand: hst, v, hv. Werk de begindraadjes van het lijf en de mouwen weg, je kunt hiermee het verschil tussen de eerste en tweede toer mee wegwerken.
Dit patroon is uitsluitend bedoeld voor eigen gebruik.
Het is niet toegestaan om het patroon te verkopen.
zondag 10 september 2017
Oorbellen haken
Toen ik van de zomer bezig was met armbandjes haken kwam ik ook oorbellen tegen om te haken. Dat moest ik natuurlijk uitproberen.
Oorbellen moeten ook weer niet te groot worden, vind ik tenminste. Dus ik heb deze gehaakt met een dunne draad en haaknaald 1,5. De witte komen van deze website, bij het rechterpaar heb ik in de lusjes onderaan kraaltjes meegehaakt. De gele komen van deze website.
Ook kwam ik veel plaatjes tegen van oorbellen met gekleurde gehaakte bolletjes. Daar vond ik geen patronen van maar dat is niet zo heel moeilijk na te maken.
Ik heb ze met gewone haakkatoen en haaknaald 2,5 gemaakt:
Start met een magische ring.
Toer 1: 6 v in de ring
Toer 2: 2v in elke v (12)
Toer 3-5: 12 v
Toer 6: haak alle v 2 aan 2 samen (6) hecht af.
Vul het bolletje op, bv met restjes draad, sluit de opening en werk de draad weg.
Steek er een kettlestiftje doorheen, rijg er evt nog kraaltjes op. Oorhaakje eraan en klaar.
Oorbellen moeten ook weer niet te groot worden, vind ik tenminste. Dus ik heb deze gehaakt met een dunne draad en haaknaald 1,5. De witte komen van deze website, bij het rechterpaar heb ik in de lusjes onderaan kraaltjes meegehaakt. De gele komen van deze website.
Ook kwam ik veel plaatjes tegen van oorbellen met gekleurde gehaakte bolletjes. Daar vond ik geen patronen van maar dat is niet zo heel moeilijk na te maken.
Start met een magische ring.
Toer 1: 6 v in de ring
Toer 2: 2v in elke v (12)
Toer 3-5: 12 v
Toer 6: haak alle v 2 aan 2 samen (6) hecht af.
Vul het bolletje op, bv met restjes draad, sluit de opening en werk de draad weg.
Steek er een kettlestiftje doorheen, rijg er evt nog kraaltjes op. Oorhaakje eraan en klaar.
Abonneren op:
Posts (Atom)






















